Lorenzo wordt geboren in de nacht van 20 op 21 april 1997 in een
dierenwinkel in Lelystad.
Precies in het weekend.
De eigenaar van de zaak
sluit op zaterdagavond nietsvermoedend zijn winkeldeur en treft vervolgens
de maandag erop een moederchinchilla met drie kindjes in de onderste bak van
zijn stelling.
Enigszins in paniek belt hij met onze opvang om te vragen of
wij de dieren kunnen opnemen, want een chinchilla met jongen vindt hij
(terecht!) niet iets voor in een drukke winkel.
En zo komen ze bij ons:
een prachtige beige moeder en drie pasgeboren
kindjes. De meisjes zijn licht en donkerbeige, het jongetje is grijs.
We noemen de dieren respectievelijk Mujera (moedertje), Marguérita,
Marcella en Lorenzo.

Marcella blijkt al gauw een zwak poppetje. Ze heeft
chronisch last van urineweginfecties en blijft incontinent.
Marguérita is
heel angstig. Ze wil het liefst niet gezien worden en trekt zich zoveel
mogelijk terug.
Lorenzo daarentegen is een vrolijke flierefluiter:
nieuwsgierig, ondernemend en brutaal. Hij is dikke maatjes met zijn zus
Marcella en het lievelingetje van moeder Mujera.
Het drietal groeit voorspoedig op. Altijd zitten ze in dezelfde volgorde
naast elkaar: Mujera rechts op de plank en haar drie kindjes links van haar
met de kleine Lorenzo steevast in het midden, tussen hen in.
Ze doen alles
samen: samen eten, samen in het zandbad en samen aan het deurtje trekken om
aandacht te krijgen.
Met Marcella blijft het tobben. Ze heeft medicijnen om
haar blaas tot rust te brengen, maar moet nog iedere dag in badje met
speciale shampoo om haar vacht schoon te houden.

Na enkele maanden wordt Lorenzo gecastreerd.
De operatie verloopt weliswaar
voorspoedig, maar niet lang daarna treedt een infectie op.
Deze blijkt met
de gangbare antibiotica niet te onderdrukken.
Lorenzo moet worden opgenomen in
de Faculteit Utrecht.
Met twee drains in zijn buik en een kap
om krijgen we de patiënt weer thuis.

Lorenzo krijgt een plaatsje in de woonkamer en slaapt niet op, maar onder de
krant en de geruite theedoek.
We noemen hem plagend: kabouter
Arafat.
Lorenzo vindt alles best en laat zich lekker door ons verwennen.
Moeder Mujera en vooral zus Marcella komen regelmatig op bezoek.
Ondanks het
contact met de andere gezinsleden, verliest Lorenzo steeds meer van zijn
oorspronkelijk gedrag en wordt als een mensenkind dat extra zorg nodig
heeft.
We dragen hem op het laatst in een buidel tegen ons aan. Wekenlang
knokt hij tegen de hardnekkige infectie, echter zonder ook maar een moment
iets van zijn vrolijkheid te verliezen. Hij wordt uiteindelijk de lieveling
van allemaal.
De kleine Lorenzo is nog maar net hersteld en weer opgenomen in het gezin,
als moeder Mujera na een bizar ongeval een blaasfractuur oploopt. Door een
inschattingsfout van de plaatselijke dierenarts, belandt Mujera te laat op
de behandeltafel van de Faculteit.
Artsen daar kunnen de in de darmen
gekristalliseerde urine niet meer doorspoelen en kunnen niet anders dan dit
heel bijzondere moedertje euthaniseren.
Het is het moment waarop we
besluiten ook de kleine Marcella te laten inslapen.
De prognose voor haar is
slecht en als zij dan toch komt te overlijden, dan is het beter om haar
samen met haar moeder te laten gaan.
Twee april 1998 wordt een van de zwartste
bladzijden uit de geschiedenis van onze opvang.

Lorenzo blijft over met zijn enige zus Marguérita. De relatie
houdt niet over. Marguérita is erg gereserveerd en ziet dit broertje vooral
als het speciale maatje van haar zus Marcella.
Lorenzo is kapot.
Hij is zo
verdrietig, dat het er op een bepaald moment even naar uitziet dat hij het
niet gaat redden.
Nachtenlang zitten we met het tweetal op en praten op hen
in, maar Lorenzo blijft verdoofd van verdriet, terwijl Marguérita zich
afzijdig houdt.
De grote ommekeer komt als Lorenzo op een ochtend voor dood
in zijn kooi ligt. Marguérita knippert nerveus en afwisselend met haar ogen
en ijsbeert over de plank. Dan waagt ze de sprong en gaat op de bodem naast
haar verdrietige broer zitten.
IJsklomp Marguérita ontdooit. Voorzichtig
legt ze haar kop in zijn hals en wijkt de rest van dag niet meer van zijn
zijde...
Zo wordt Marguérita de redding van haar broer Lorenzo. Ze staat toe dat hij
verdrietig tegen haar aan kruipt en troost hem door zachtjes in zijn hals en
achter zijn oortjes te knabbelen.
Als Lorenzo na enige tijd is hersteld, is
er een duurzame relatie tussen het tweetal tot stand gekomen.

Nu, vier jaar later, is het Marguérita die zorg nodig heeft. Een plotselinge
infectie bezorgt haar een lelijke wond die niet wil sluiten.
Samen met Lorenzo belandt ze in onze ziekenboeg. Ze krijgt een kap om en moet
gedwangvoederd worden.
Ondanks diverse beperkingen en ongemakken is haar doorzettingsvermogen bewonderswaardig. Soms halen we
Lorenzo wel eens even bij haar weg omdat we hem wat te druk voor haar
vinden. Marguérita zal echter niet rusten voor we hem weer bij haar terug
hebben gebracht.
Wekenlang zijn we met Marguérita in de weer, totdat zij uiteindelijk wordt
opgenomen bij de Faculteit Utrecht. Maar niet alleen zij wordt opgenomen,
ook broer Lorenzo wordt gehospitaliseerd. Zouden we dat niet hebben gedaan,
dan zou Marguérita de strijd ongetwijfeld hebben opgegeven.

Als we na enkele weken bij het tweetal op bezoek komen treffen we het ons
bekende tafereel van een ondeugende Lorenzo die met een wilgentakje loopt te
sjouwen en de goedmoedige Marguérita die zich dapper door de situatie
heenslaat.
Lorenzo en Marguerita: een heel bijzondere broer en een al even bijzondere
zus.
Niet alleen omdat Lorenzo destijds de eerste chinchilla was met een
drain in zijn buik en Marguérita nu de eerste chinchilla die een
transplantatie met kunsthuid heeft ondergaan, maar vooral vanwege hun
gezamenlijke geschiedenis.
Lorenzo en Marguérita, of te wel de bijzondere relatie tussen een broer en
een zus...